advertentie google

Niet vergeten hè, zegt mama tegen Liesje. Niet vergeten hoor, je moet na school gelijk naar huis komen want we gaan naar opa toe. Jaaaaaaaaa, roept Liesje ongeduldig, ze is er helemaal zat van, ze wil weg, snel naar school, want op het schoolplein is het super leuk en als ze nog op tijd is dan kan ze nog even spelen, samen met haar vriendinnetjes en vriendjes. Mama pakt Liesje nog eens stevig bij haar schouder vast, maar voordat ze nog iets kan zeggen, rukt Liesje zich los en rent de deur uit, snel naar school. In de verte hoort ze mama roepen: Niet vergeten Liesje. Liesje weet het wel, opa is een beetje ziek, hij is al oud en kan niet meer zo goed lopen en papa en mama en Liesje moeten goed voor hem zorgen, hij heeft wel een beetje hulp nodig. Boodschappen moet hij hebben, medicijnen en soms laat hij alles op de grond vallen en dan moet iemand dat even voor hem oppakken, want die oude opa bukt niet meer zo goed. Dat geeft niks, Liesje vindt het wel leuk om naar opa te gaan. Hij woont in een huis met oude mensen en er is een lift en een ronddraaitrap super gaaf. Liesje gaat er maar al te graag heen, dus mama hoeft zich geen zorgen te maken er kan niks misgaan.

Als Liesje op het schoolplein komt staan de kinderen al te wachten, een heel groepje kinderen, allemaal uit Liesjes klas, ze zijn blij dat Liesje eraan komt en roepen haar al toe, vlug vlug Liesje, rennen dan hebben we nog 5 minuten. Liesje komt hijgend het schoolplein op, zo hard heeft ze nog nooit gerend pfffft, ze bedenken vlug een spel en daar gaan ze, de kinderen uit groep 5 allemaal rennend achter elkaar aan. Ze doen krijgertje en Liesje is de krijger, want zij kwam als laatste. Ze vindt het niet erg, maar ze is zo moe van het hardlopen en nu moet ze alweer, want anders krijgt ze de kinderen nooit te pakken. Gelukkig gaat de schoolbel en al snel zitten ze in de klas. Ze doen taal en rekenen en begrijpend lezen, nou Liesje snapt er nog helemaal niks van, ze vindt het veel te moeilijk en gaat het liefst weer buitenspelen. Buitenspelen? Liesje moest toch naar opa toe? Maar dat is ze allang vergeten, in de pauze was ze het al kwijt, helemaal uit haar geheugen gewist. Ze speelde en rende en riep en ze sprak gelijk van alles af, ze zou met Magda spelen en misschien zou Rinske ook meedoen, want vanmiddag zijn ze vrij. Leuk man, dan gaan ze gelijk met Magda mee en dan kan ze daar wel even snel naar mama bellen om te vragen of het goed is. Meestal mag het dus dat wordt geen probleem, Liesje weet het zeker.

De bel gaat, tot morgen, roept juf. Tot morgen juf, roept Liesje en ze rent de gang in naar haar jas. Snel trekken de kinderen hun jassen aan en rennen naar buiten. Op het schoolplein praten ze nog even na en daar gaan ze dan, Magda, Liesje en Rinske, samen naar het huis van Magda. Liesje had het helemaal uitgedacht, dan zou ze spelen bij Magda en eten bij Liesje, leuk toch? Super leuk. Als ze bij het huis van Magda komen gaan ze eerst vragen aan Magda’s moeder of het mag. Gelukkig is dat geen probleem, Magda’s moeder vindt bijna alles goed, dan vragen ze of Liesje en Rinske even mogen bellen. Natuurlijk mag dat. Magda pakt de telefoon en geeft het aan Rinske, Rinske belt snel naar huis en kijkt super blij; Het mag, het mag, zegt ze met een stralende lach. Dan krijgt Liesje de telefoon, ze drukt de nummertjes in en hoort de telefoon overgaan, er wordt niet opgenomen. Liesje wordt een beetje zenuwachtig, hoe kan dat nou? Mama is toch thuis vandaag, ze is toch vrij? Ze kijkt wat onzeker naar Magda, mama neemt niet op, zegt ze, wat moet ik nu doen? Nog een keer bellen, zegt Magda. Liesje probeert het nog een keer, het duurt lang, heel lang en dan ineens hoort ze de stem van mama. Opgelucht roept Liesje, mama gelukkig dat je er bent, kan ik met Magda spelen? Natuurlijk niet, zegt mama, haar stem klinkt boos, zo boos. We zouden toch naar opa gaan, dat had ik je toch gezegd, dat mocht je niet vergeten, je mocht hem niet vergeten en het is vandaag ook nog eens een hele speciale dag voor opa, weet je nog? Liesje kijkt geschrokken, ze denkt na, ja ze weet het nog, vandaag is het 1 jaar geleden dat oma gestorven is. Dat was best heel verdrietig voor mama en voor opa en voor iedereen, ook voor Liesje. Oma was zo lief, zo enorm lief en toen ineens was ze er niet meer, ineens wilde haar hartje niet meer kloppen. Ze waren zo geschrokken, geschrokken en verdrietig. Hoe kon ze dat toch vergeten, Liesje wordt een beetje boos op zichzelf en moet er haast van huilen, hoe kon ze deze dag vergeten? Juist deze dag? Opa heeft haar nodig, hij zal vast verdrietig zijn, oh dat ze daar niet aan heeft gedacht. Daar staat ze dan met tranen in haar ogen en de telefoon in haar hand, sorry mama, ik kom eraan. Ze geeft de telefoon aan Magda en zegt: Sorry ik kan niet spelen, ik was opa helemaal vergeten en vandaag is voor hem een moeilijke dag, dus ik moet snel gaan. Magda en Rinske begrijpen het wel en als Liesje wegrent, zwaaien ze haar uit.

Mama staat al bij de deur te wachten, drinken kun je wel bij opa, moppert ze, nu gelijk meekomen. Snel gaan ze naar de auto, Liesje zegt niks, ze is verdrietig en stil. Hoe kon ze dat nou vergeten? Ze was niet alleen opa, maar ook nog eens vergeten, de liefste oma van de wereld. Mama start de auto en rijdt weg, ineens kijkt ze opzij, ze ziet het gezicht van Liesje en heeft toch medelijden met haar. Ben je verdrietig, vraagt mama. Ja Liesje is erg verdrietig, ze weet niet hoe het verder moet, ze is zo dom geweest. Ik was opa helemaal vergeten, mompelt ze en oma ook. Nou zegt mama, dat geloof ik niet. Ja echt…. roept Liesje, echt waar, helemaal vergeten, ze heeft er een rood hoofd van gekregen, ze schaamt zich rot. Nee, zegt mama, ik weet zeker dat je best aan opa denkt, ook aan oma, want eigenlijk hebben zij altijd een speciaal plekje in je hart. Nou zegt Liesje, ik was ze toch echt vergeten. Nee hoor, zegt mama, dat moet je niet denken, dat is niet zo. Soms dan zijn we ergens mee bezig, schoonmaken, of de was of de telefoon gaat en dan denken we ineens even ergens anders aan, dat zijn we even kwijt waar we om moesten denken, dat hebben allemaal wel eens Liesje. Dan wil ik jou halen van school, want dat heb ik beloofd en dan gaat de telefoon en oeps, dan ineens denk ik ojee, Liesje staat te wachten. Maar gelukkig is de school vlakbij huis en gelukkig kom jij dan al naar huis gerend. Maar eigenlijk ben ik je niet echt vergeten, ik had er gewoon even niet aan gedacht, maar dat is niet vergeten, want ik zie je foto op de kast en ik moet soms ineens lachen om iets wat jij zei en soms denk ik ineens aan je mooie haren of je vrolijke snoet. Dus echt vergeten doe ik jou niet, maar doordat ik het soms druk heb ben ik het eventjes kwijt. Ja dat snapt Liesje best, zij was het ook eventjes kwijt. Maar mama, zegt Liesje, oma is ook wel heel ver weg, we zien haar niet meer en horen haar stem niet meer en dan is het best lastig om steeds aan haar te denken. En toch…. zegt mama, toch blijft zij altijd dichtbij ons, want soms moet ik ineens denken aan haar heerlijke zelfgebakken koekjes of ineens aan haar mooie lach, of hoe lief ze was, maar oma is veilig bij de Here God, ook als wij het even te druk hebben, mogen we zeker weten dat het goed met haar gaat. Maar opa mag ook op de Here God vertrouwen, toch is het wel fijn als wij even de rommel oprapen als hij weer eens iets laat vallen, of dat wij even boodschappen brengen, want dat kan hij zelf allemaal niet meer doen, en we kunnen hem straks ook even troosten, want hij mist oma best heel erg en dat is logisch. Zou de Here God het ook wel eens veel te druk hebben om aan ons te denken, vraagt Liesje? Nee hoor, zegt mama, God is overal, die hoort alles, ziet alles, weet alles en Hij vergeet jou en mij nooit en ook opa niet, Hij vergeet zelfs het kleinste kind nog niet, Hij vindt dat wij parels zijn, Hij vindt ons bijzonder, wij zijn Zijn kinderen, zo noemt Hij ons en Hij vergeet ons nooit. Ineens trapt mama op de rem, Liesje schrikt ervan, zijn we er al? Ja we zijn er al, zegt mama.

Liesje springt de auto uit en rent de trappen op en even later vliegt ze opa om zijn hals en geeft hem een mega dikke knuffel. Waar heb ik dat aan te danken, vraagt opa. Gewoon, zegt Liesje, omdat ik je zo lief vind. Opa glundert ervan, het doet hem zo goed. Liesje kijkt naar de vloer en ja hoor, daar liggen de suikerblokjes, alweer, de tweede keer deze week. Oh de suikerblokjes mompelt opa, ze vielen zomaar vanzelf. Geeft niks hoor opa, ik ruim het wel op, zegt Liesje en ze doet heel erg haar best om opa een fijne middag te geven, dat heeft hij wel verdient!!!!