advertentie google

Erna heeft zich goed aangekleed. Jas aan, sjaal om en muts op. Handschoenen voor de kou. Het is twee dagen voor Kerst en het is de eerste dag die winter dat het sneeuwt. Ze is op weg naar school, dezelfde straten door die ze elke dag loopt. Zo moet nog even langs de winkels en dan de hoek om, daar staat de school. Morgen nog en dan is het kerstfeest, gezellig. Ze hoeft dan twee weken niet naar school.

            Als ze langs die winkels loopt, kijkt ze altijd in de etalages. Eerst de schoenenwinkel, dan de speelgoedwinkel en dan nog een winkel waar borden, pannen en kopjes en een heleboel andere dingen worden verkocht. Er stonden voor Sinterklaas al spulletjes voor Kerst in die etalage: kerstboomballen, lichtjes, kleine boompjes met lichtjes voor in de vensterbank.

Het mooiste vindt Erna het speeldoosje dat daar staat. Het is een kerstman met een gitaar en kinderen er voor op het ijs. Als je de sleutel omdraait hoor je een melodietje: we wish you a merry Christmas. De kinderen op het ijs draaien dan rondjes op hun schaatsen tot het liedje uit is. Erna kent dat speeldoosje wel, het is hetzelfde dat ze vorig jaar bij een tante van haar heeft zien staan en ze mocht vaak het melodietje aanzetten. Op het prijskaartje staat dat het € 12,- kost. Wat zou ze dat graag kopen. Niet voor zichzelf, maar voor Ankie, het meisje dat naast haar woont. Ze vindt Ankie wel lief, daarom. Ankie mist zo veel: ze praat niet goed, kan bijna niet lopen en als ze eet gaat dat zo moeilijk dat ze heel erg knoeit. Erna’s mama heeft gezegd dat dat ‘spastisch’ heet en dat het nooit over gaat. Daarom gaat Ankie ook naar een andere school.

Erna wilde wel dat ze haar buurmeisje blij kon maken! Zo’n vrolijke kerstman op dat speeldoosje. Ze had haar geld al vaak geteld, maar ze heeft maar €5,- en dat is natuurlijk te weinig.

            Weer loopt ze die ochtend, ingedoken voor de kou nu, langs die winkel en het doosje staat er nog. Het prijskaartje is veranderd, er staat een streepje door die € 12,--, en er onder staat € 7,--. Afgeprijsd dus, maar nog te duur voor Erna. Toch waagt ze het er op en ze gaat naar binnen. De mijnheer in de winkel ziet haar en vraagt wat ze wil. ‘Ik zou graag dat speeldoosje kopen,’ zegt Erna. ‘Dat kan hoor,’ zegt de man, ‘dat kost je dan € 7,--.’  Hij wil er al een halen en voor haar en inpakken.

‘Ik wil eerst nog wat vragen,’ zegt Erna.

‘Dat is goed hoor’ zegt de man.

‘Ik wil het niet voor mezelf kopen maar voor Ankie, die woont naast ons en die kan niet zo veel, ze is gehandicapt. Ik heb maar € 5,--. Mag dat ook?’

‘Nou, jij durft wel veel te vragen, hoor,’ zegt de man,’ maar er staat voor € 7,-- en dat blijft zo. Jij kunt het dus niet kopen.

Erna draait zich om en loopt teleurgesteld de winkel uit.

‘Wacht eens even,’ roept de man haar na en hij lacht er een beetje bij. Ik heb wel wat anders voor je. Daar kun je je buurmeisje ook blij mee maken Het kost je maar € 4,--. Wil je het zien?’

Erna wil dat wel, al had ze veel liever die kerstman gehad. De man komt met een ander speeldoosje. Daar staat een herder op, met een schaapje. En daarvoor is een plat stukje waar niets opstaat. ‘Zou daar wat hebben gestaan dat er af gebroken is?’ denkt ze.

Ze vindt dat de herder maar boos kijkt en dat ze veel liever die kerstman wilde hebben, die is vrolijk met zijn gitaar.

‘Dat is wel zo’,zegt de man, ‘vorig jaar heb ik er een paar van verkocht maar die kostten veel meer dan die met de kerstman. Nu ik dat nieuwe kerstdoosje heb, verkoop ik er van die oude helemaal niet één meer. Toch is het een heel bijzonder doosje.

‘Wat dan?,’ vraagt Erna.

‘Geef je € 4,-- maar en als je het aan Ankie geeft en jullie vinden het echt niet mooi dan mag je het terugbrengen en krijg je je geld terug. Ik weet zeker dat je dat niet zult doen.’ Nog steeds kijkt hij er op een heel speciale manier vrolijk bij.

Erna laat zich overhalen, ze geeft de € 4,--. De man pakt het cadeautje in en ze neemt het mee in haar tas. Als ze weggaat, loopt hij met haar mee naar de deur. ‘Fijne kerstdagen’, zegt hij nog.

Erna gaat naar school en de hele tijd denkt ze aan dat speeldoosje. Zou Ankie blij zijn of zou ze toch liever die kerstman hebben?

Als ze ‘s middags naar huis gaat roept ze bij de voordeur: ‘Mam, ik ben even naar Ankie.’ De moeder roept dat dat goed is en ze gaat ook door met waar ze mee bezig was. Weg is Erna alweer.

            Ankie zit voor het raam, ze kijkt naar de sneeuw die valt. Voor haar wordt het nu wel heel lastig om nog buiten te lopen. Ze is blij dat ze Erna ziet komen.

‘Ik heb wat voor je meegebracht. Ik hoop dat je het leuk vindt.’

Meteen haalt ze het pakje uit haar tas en geeft het aan Ankie. Ook Ankies moeder komt er bij staan. ‘Pak jij het maar uit,’ zegt ze, ‘want dat is wat moeilijk voor Ankie.’ Erna haalt het papier er af en ze kijken samen naar de herder. Erna zegt nog dat ze liever de kerstman met het schaatsende kind had gekocht.

 ‘Zal ik hem eens opwinden?’, vraagt Erna. Ankie knikt van: ja. Ze draait de sleutel om tot hij niet verder kan en dan zet ze het doosje neer. De muziek gaat spelen, maar het is geen Merry Christmas. Het doosje speelt: Stille nacht, heilige nacht.

Met zijn drieën luisteren ze er naar en ze kijken naar de herder. Als hij zijn staf verzet, gaat de voorkant van het doosje open, daar waar Erna gedacht had dat er wat was afgebroken. Er komt een kribbe tevoorschijn en daarin ligt een kindje. In het gezichtje van het kind en in de ogen van de herder gaan kleine lichtjes branden. Erna weet het; dat is natuurlijk het verhaal uit de bijbel van de herders die bij Jezus kwamen kijken. Ankie kijkt er heel stilletjes naar. ‘Vind je het mooi,’ vraagt haar mama.

‘Als je het niet mooi vindt, mag ik het naar de winkel terugbrengen,’ zegt Erna nog.

            Ankie gaat een beetje huilen, huilen omdat ze blij is. ‘Nee, niet doen,’ zegt ze, ‘het is het mooiste doosje dat ik ooit heb gezien. Ik wil het wel.’ Ze winden het doosje nog een paar keer op en steeds horen ze het liedje ‘Stille nacht’ en komt de kribbe met het kindje omhoog en die lichtjes in de ogen, die stralen als sterretjes!

Dan zegt Ankie, zo goed en zo kwaad als ze het kan zeggen: ‘Ik vind het zo mooi. Zoals die herder kijkt is het net of ik ook zelf bij het kindje Jezus sta. Ik wil zelf ook wel van die lichtjes in mijn ogen.’

Ze staat zelfs op uit haar stoel en geeft Erna een zoen: ‘dank je wel!’

Erna is blij. Het heeft haar wel € 4,-- gekost maar Ankie die zo weinig heeft, is er gelukkig mee. Die herder is toch veel mooier dan de kerstman. En ‘stille nacht’ is een veel mooier liedje dan “we wish you a merry Christmas.’

            Voordat het donker wordt, gaat Erna naar huis. Het heeft de hele dag gesneeuwd en ze moet echt goed kijken waar ze loopt. Als ze thuis is vertelt ze alles aan haar moeder, van de speeldoosjes die met de kerstman en die met de herder. Ze luistert naar Erna en zegt dat ze de volgende dag ook even bij het speeldoosje gaat kijken. Ze wil het met eigen ogen zien en het versje horen!

            Erna trekt haar jas uit en hangt hem aan de kapstok. O ja, ze kreeg net voordat ze naar huis gingen nog een kerstkaart van een jongen uit de klas, die gaf er één aan alle kinderen. Ze had hem in haar zak gestopt en die wil ze er nog even uithalen. Ook die ene euro die ze nog heeft, wil ze pakken. Die zit natuurlijk onderin en ze voelt helemaal in die diepe zak. Dan voelt ze dat er wel vijf euro’s in zitten.

Ze had er toch vier aan die man in de winkel gegeven, hoe kan dat nou? Opeens begrijpt ze het. Daarom liep hij met haar mee naar de deur, hij heeft ze heel vlug in haar zak gestopt. Zo heeft hij haar willen helpen om Ankie blij te maken met het speeldoosje.

‘Vrolijk kerstfeest,’ dat kan toch alleen bij de kribbe van Bethlehem en die herder met zijn lichtjes in de ogen, die gaat nooit meer terug naar de winkel.

© F.A. den Harder